BrightLights
pexels-photo-121734

Hoogbegaafd met een lage verwerkingssnelheid: belangrijk maar onbekend

Na het verwarrende gesprek bij de second opinion aan het begin van afgelopen zomer, wilde ik antwoorden. Daarom dook ik in de zomervakantie in de dossierkast bij mij thuis. Tussen alle schoolrapporten en vergeelde aantekeningen vond ik wat ik zocht. Het verslag van mijn IQ-test van bijna acht jaar geleden. Ik was hoopvol. Hierin moest iets staan dat kon verklaren wat er was gebeurd. De weken daarna probeerde ik tussen alle vakanties, festivals en dagen aan het zwembad her en der het uit te pluizen. Zo ook op een warme avond in september op een terrasstoel met een koud glas bier in mijn hand, lachende en rondrennende kinderen om mijn tafeltje en een rokende Rapunzel naast me.

Voor de duidelijkheid: nee, ik had geen gezellig onderonsje met een prinses. Het was mijn date. Ik heb er mijn sport van gemaakt om iedereen die ik date een bijzondere bijnaam te geven. Aangezien deze gast lang blond haar had en met zijn lengte boven mij uittorende, heb ik hem dus Rapunzel gedoopt. Enfin, ik kwam na wat gepraat uit op mijn bezigheid van die dag; het uitpluizen van dat verslag. Rapunzels gezicht klaarde ineens op en zonder iets te zeggen gaf hij me een high-five. Ik keek hem met een verwarde blik aan. Hij haalde zijn sigaret uit zijn mond: “Ik ben ook hoogbegaafd!”

Langstuderen

Het gesprek kreeg meteen een meer serieuze wending. Meestal als ik vertel dat ik zo slim ben, krijg ik minachtende blikken en houd ik gelijk mijn mond weer. Nu ik met iemand zat die wist waar het over ging, kon ik gelijk de diepte in gaan. We vertelden elkaar over hoe het ontdekt was bij ons en hoe het op school was gegaan. “Dus,” vroeg ik in het gesprek nieuwsgierig, “hoe lang studeer je dan al wiskunde?”. Hij antwoordde dat hij het al drie jaar had kunnen studeren. “Al drie jaar? Hoe dan?”

Hij bood mij een sigaret aan, want het zou een lang verhaal worden. Terwijl ik aan het rommelen was met een weigerende aansteker, stak hij van wal: hij was na het halen van het vwo begonnen aan twee universitaire studies. Bij beide studies was hij niet verder gekomen dan het eerste jaar. De oorzaak was niet zijn gebrek aan kennis, maar eerder de tijd waarin al die kennis erin moest worden gestampt. Tijd die je op de universiteit eigenlijk niet had. “Mijn verwerkingssnelheid is namelijk laag,” concludeerde hij.

Snel en langzaam leren

Ik had er nog nooit eerder van gehoord; een hoog IQ in combinatie met een lage verwerkingssnelheid. Wat achtergrondinformatie. De verwerkingssnelheid omvat de snelheid waarmee visuele informatie wordt verwerkt. Dat is dus de snelheid tussen het ontvangen en het reageren op een stimulus. De stimulus kan een cijfer of een letter zijn, iets dat je hoort of een beweging. Bijvoorbeeld het reageren op iemands instructies. Een hoge verwerkingssnelheid betekent dat je snel automatisch informatie verwerkt, zonder dat je het bewust door hebt.

Een lage verwerkingssnelheid zorgt ervoor dat je meer tijd nodig hebt dan iemand anders om, zoals het woord al zegt, informatie te verwerken. Er zit namelijk meer tijd tussen het opnemen van informatie (het zien van woorden in een tekst), het nadenken over de informatie (een betekenis koppelen aan die woorden), te beslissen welke betekenis iets dan krijgt (dat woord zegt iets over een ander woord) en het antwoord te geven.

Het betekent niet dat je helemaal niet goed stof op kunt nemen, maar wel dat het minder vanzelf gaat. Je moet dus vaker dezelfde leerstof doornemen, samenvattingen maken, opgaven maken en stampen. Tijd die je op het vwo en op de universiteit niet echt krijgt door de grote hoeveelheid en omdat ervan uit wordt gegaan dat je snel kennis tot je kunt nemen.

Hoe studeer je?

Verwerkingssnelheid is een belangrijke studievaardigheid. Onder studievaardigheden vallen onder andere het vermogen om te plannen, gefocust te blijven en lesstof samen te kunnen vatten.

Als je verwerkingssnelheid laag is, heeft dat invloed op andere studievaardigheden. Iemand met een lage verwerkingssnelheid heeft meer tijd nodig om iets te laten ‘landen’, ook in hoorcolleges en in lessen. Het gevolg is dat zo iemand minder aantekeningen maakt, want tegen de tijd dat diegene door heeft wat de clue is van de uitleg van een docent, is de docent al begonnen met het vertellen van iets anders.

Als je zelf al niet goed bent in plannen, een ‘kwaal’ van wel meer jonge mensen, én minder snel informatie kunt verwerken, kun je de tijd die je voor een taak nodig hebt onderschatten. Daardoor kom je in tijdnood, wat er weer zorgt dat je in de knoop komt met je agenda. Ook ben je vaak minder geconcentreerd dan anderen bij lastige opdrachten omdat er dan meer informatie verwerkt moet worden, wat langzamer gaat.

Dat kan een ‘leuke’ combinatie zijn als je verder een hoog IQ hebt. Want, zoals Rapunzel vervolgde nadat we twee nieuwe biertjes hadden besteld en de zon al achter de wolken verdween: “Je hebt veel verbindingen in je brein naar al je kennis toe, maar je neemt omwegen die tijd kostten.”

Een paradox

Hoogbegaafde scholieren of studenten hebben de potentie om hoge cijfers te halen maar die verminderde studievaardigheden door de verwerkingssnelheid maken dat lastig. Vaak zijn het scholieren die slordig zijn, niet goed hun aantekeningen op orde hebben en sneller afgeleid zijn. Ze moeten harder werken om dezelfde hoge resultaten te behalen als anderen. Dat ligt alleen niet aan hun intelligentie.

Die omwegen waren voor hem een factor in het tot twee keer toe niet halen van een eerste jaar universiteit. Het leverde hem een, vond ik in ieder geval omdat ik al een uur luisterde, interessant, maar ook een wat tragisch verhaal op.

Het liet voor mij zien dat een IQ-score op zichzelf niet een succesvolle schoolcarrière bepaalt en dat het wetenschappelijk onderwijs niet alleen een hoop vraagt van je voorkennis. En dat kennis tijd nodig heeft om zich te ontwikkelen.

We rekenden af en liepen terug naar het station. Ik vroeg Rapunzel of hij er niet van baalde dat hij nu aan studie drie begonnen was. ‘”Nee,” antwoordde hij, “door alle omwegen die ik neem, neem ik een ander pad dan de rest. Dat is creatief denken. Wat mij Rapunzel maakt.” Ik vond dat de grote, blonde reus helemaal gelijk had.

Reageren